Auteur: Charissa Bakema

  • Gelijkwaardig samenwerken.

    Vandaag was ik met Truusje van Zanten en de spelers waarmee ik de theaterlezing ‘Samenwerken met ouders’ uitvoer, te gast op de HAN, in Nijmegen. Het was een bijzondere ochtend waar jeugdprofessionals, docenten, studenten en ervaringsdeskundigen met elkaar een boeiend gesprek voerden  na de lezing. Wat is eigenlijk gelijkwaardig samenwerken? Zo vroegen we ons af. (meer…)

  • En dingen die voorbij gaan.

    En dingen die voorbij gaan.

    We zitten in de auto. Mijn vader voorin, mijn moeder naast hem, de hond tussen haar benen op de grond. Mijn zusje en ik achterin. Zo ging het mijn hele kindertijd.

    Het is lang geleden dat we met z’n vieren in de auto zaten. Maar vandaag is dat anders. Alleen is de volgorde veranderd. Ik zit aan het stuur. Mijn vader zit naast me, zijn wandelstok tussen zijn benen geklemd. Mijn zusje is bedreven in het inklappen van rollators en legt die achter in de auto. Ze stapt daarna naast mijn moeder op de achterbank. We gaan kijken naar een appartement in een verzorgingshuis.
    Mijn vader dementeert en heeft daarnaast zoveel  lichamelijke zorg nodig, dat mijn 87-jarige moeder het niet meer volhoudt. Het is onvermijdelijk.
    Mijn vader gaat in een verzorgingshuis wonen. (meer…)

  • 15 jaar en zo eigen…

    Vandaag is de Regenboogprins 15 geworden. Ik maakte een kleine film van hem tijdens het bezoek aan een tentoonstelling. Iedereen die die film ziet, ziet iets van wie ik zie. Een uniek mens. Een jongen uit de lucht gevallen,  een kind dat speelt. Een mens die zich niet schaamt.  Het woord dat in mij opkwam toen ik de fragmenten zag was: Open.

    Ik zet de video een of twee dagen openbaar. Daarna verberg ik hem weer. Voor wie even mee wil kijken met mijn ogen.

     

  • Circe

    Circe

    Al een jaar geleden kreeg ik het boek van mijn goede vriendin Paulien op mijn verjaardag. Niet te geloven dat het zo lang op mijn ‘nog te lezen’ stapeltje lag. Dit boek opende voor mij de klassieke mythologie. Ik heb al veel geprobeerd om de verhalen te lezen, maar altijd verdwaalde ik in de wirwar van relaties en verhalen. Bij het boek Circe gebeurde dat niet.  Madeline Miller brengt de oudheid tot leven in dit fantastische verhaal van goden en godinnen, helden en heldinnen, leven en sterven.

     

  • Over het boek ‘Onzeker weten’.

    Over het boek ‘Onzeker weten’.

    Zo’n 7 jaar geleden was ik op het Greenbeltfestival in Engeland aanwezig bij een viering van de IKON-community uit Belfast. Deze community was gebaseerd op het gedachtengoed van Peter Rollins, en de radicale theologie. Ik kan mij van die viering alleen nog het slot herinneren. Op het podium stond een groot kruis, met daarop in ballonnen een soort lichaam geprikt. In mijn herinnering waren de ballonnen roze. Vlak voor het einde van de viering werden alle ballonnen doorgeprikt en plotseling was er niets meer, ja dat lege kruis was er nog, maar het had een ander effect dan ik had verwacht. Het was voor mij niet het ‘overwinningskruis’ dat ik zo goed kende uit mijn geloofsopvoeding.
    Het kruis was echt leeg. Een illusie werd doorgeprikt. Knalde weg. Vervolgens werd ons als publiek gevraagd om een blinddoek om te doen en elkaar te helpen de ruimte te verlaten. Dat laatste heb ik niet gedaan. Ik was te geschokt. Wat was er gebeurd?
    Als ik nu terugkijk denk ik dat ik op dat moment voor het eerst op existentieel niveau ervaarde dat een belangrijke geloofsovertuiging die ik had, geen stand hield. Namelijk de overtuiging dat een hemelse God, ver buiten mij en ver voor mij geboren, alles goed zou maken. De blinddoek en de uitnodiging elkaar te helpen kwam werd als alternatief geboden. Moest ik gaan vertrouwen op mensen die beperkt waren? En op mijn eigen beperkte vermogens? 
    En dat dan in plaats van het bouwen op een God die alles goed maakt?
    Het verlies van die overtuiging was een flinke schok, en een schuchter zoeken kwam eruit voort. Want welke overtuiging was dan nog waar?
    Pas toen ik het boek ‘hopeloos hoopvol’ van John Caputo las vond ik iets wat weer of meer waar leek te zijn. Iets wat ik kon geloven en wat me bracht bij een nieuw perspectief, waarbij God daadwerkelijk de Ander blijft, maar toch alleen opereert van binnenuit. 
    In het Engels gebruikt Caputo hiervoor de term Insist inplaats van exist.
    In Nederland is er sinds enkele jaren het Platform Thomas voor mensen die geïnteresseerd zijn in het gedachtengoed van de Radicale Theologie. Bram Kalkman, Gerko Tempelman en Rikko Voorberg schreven het boek ‘Onzeker weten’ waarin ze zich laten inspireren door dit gedachtengoed.

    Waaraan herken je de Radicale Theologie? Soms kom je deze tegen als luis in de pels, soms als kritische teamgenoot, soms als Irritante buur. De Radicale Theologie is  gericht op inclusief in plaats van exclusief. Het is gericht op verbinding, maar via de confrontatie. Het daagt de gelovige uit op zoek te gaan naar de ongemakkelijke ander en is ook zelf een ongemakkelijke ander. (meer…)

  • Zondagochtendfile op de camping

    Zondagochtendfile op de camping

    Photo by Michael C on Unsplash

    Het is zondagochtend, 8.30. Wat slaperig loop ik met de hond langs caravans en tenten.  In tegenstelling tot andere ochtenden in de week rijden er geen vroeg wakker geworden kinderen op fietsjes rond. Wel passeer ik vrouwen in mooie jurken, mannen in nette pakken met een zwart boekje in hun hand en kinderen met een tasje om hun nek (ik denk dat er pepermuntjes in zitten).  Ook rijden er auto’s met hele gezinnen mij voorbij. Tenslotte is het zwembad, dat iedere ochtend toch wel gevuld is met baantjeszwemmers, leeg.

    Het is zondagochtend. En zondagochtend betekent voor het grootste deel van ons campingpubliek dat het tijd is voor een kerkbezoek. Het is de dag des Heren. (meer…)

  • Papa

    Papa

    Sinds een jaar ben ik bijna wekelijks bij mijn ouders. Mijn vader dementeert, net zoals vele ouderen in Nederland. Af en toe heb ik momenten die ik wil opschrijven en delen.

    We rijden naar het ziekenhuis. Zoals mijn moeder me instrueerde zet ik hem vlak voor het ziekenhuis op een bankje om even op me te wachten en parkeer de auto op de invalidenparkeerplaats. Dan haal ik een rolstoel uit de gang en rijd hem naar de afdeling cardiologie, waar hij voor controle heen moet. Ik heb een zeldzaam moment alleen met mijn vader.
    Mijn vader, inmiddels nog 1.60 m, hij zal zo’n 8 centimeter gekrompen zijn de laatste jaren. Tot enkele jaren geleden, nam hij me nog altijd in zijn armen en knuffelde me fijn. Ik hield daarvan. Dat ik kon voelen dat hij blij was me te zien. ‘Ik ben trots op jou’ zo vaak heeft hij dat gezegd als hij kwam kijken bij een voorstelling, of een lezing of boekpresentatie. Zijn liefde heb ik altijd gevoeld en ik ben er zo dankbaar voor. Ik keek altijd graag naar zijn gezicht. Goedlachs, maar ook woedend of aarzelend. Ik kon gewoon lezen wat hij ergens van vond en dat was fijn. (meer…)

  • Schaamte en tevoorschijn komen.

    Schaamte en tevoorschijn komen.

    ‘Niets liever wil ik dan mensen laten SHINEN! En zelf SHINE ik natuurlijk ook graag.’

    Ik sprak met twee vrouwen, een van 30 en eentje van 40. Beiden zijn opgegroeid in een pleeggezin. Het was een diep gesprek.  Zo’n gesprek dat je normaal gesproken alleen ’s avonds heel laat bij een kampvuurtje hebt, of tijdens een lange wandeling. Ik was de interviewer. Zij vertelden over hun leven.
    Tijdens het gesprek werd ik bevestigd in iets wat ik ook vaak zie  bij onze eigen Regenboogprins:  Op het moment dat je in een pleeggezin komt wonen, weet je niet goed meer bij wie je hoort. Je weet niet goed meer of je nou bij je ouders hoort, omdat je daar niet woont. Je weet ook niet goed of je bij de nieuwe mensen hoort waar je  bent gaan wonen. Je moet je opnieuw gaan hechten, terwijl je niet goed weet waarom je niet meer bij je ouders woont en welk deel jij daarin hebt gehad. Misschien was het wel jouw schuld dat je weg moest? Je weet ook niet of de nieuwe mensen wel te vertrouwen zijn, of ze wel echt willen dat jij er bent.  (meer…)

  • De dove puber!

    De dove puber!

    ‘Jij gaat een enerverende tijd in!’ zei een collega vorig jaar toen ik vertelde dat de Regenboogprins 14 werd. Inmiddels is hij al bijna 15, heeft mijn schoenmaat bereikt en groeit mij binnenkort voorbij. Dat alleen al is indrukwekkend. Dat een kind je voorbij groeit.

    Het valt me alles mee hoe enerverend het is. De Regenboogprins heeft namelijk die leeftijd waar ik in het verleden veel mee heb gewerkt en over het algemeen ook heel enthousiast over was. Tieners zijn wezens met slingerende armen en benen, grapjes makend die net niet kunnen, verstrooid, verstrikt rakend in allerlei meningen en gedachten en vaak ongelofelijk onlogisch en daarmee erg origineel. Verder wordt er de kunst van het onderhandelen eigen gemaakt, wat ik ook altijd enorm amusant vond. (meer…)

  • Het motormysterie.

    Het motormysterie.

    Om de twee weken gaan mijn lief, de Regenboogprins en ik op zondagochtend voor de drukte begint naar Hoog Catharijne in Utrecht. Als het regent gaan we met de auto en parkeren we in een parkeergarage onder het winkelcentrum. We doen dat nu ongeveer een half jaar en tijdens dat halve jaar parkeren we standaard naast een overdekte motor, een BMW C1.

    De motor is overdekt met stof en inmiddels hebben vele parkeerders in dat stof een boodschap achtergelaten.
    Zo weet ik dat er iemand veel van Kees houdt, en dat iemand vindt dat de motor gratis af te halen is.  Maar wat ik niet weet is van wie die motor is, en waarom die motor daar al zo lang staat. Iedere keer als onze auto stilstaat naast het bestofte ding vraag ik mij dat af.  (meer…)

  • Truusje

    ‘Daar vragen we Truusje voor!’ zei Martine zo’n twee jaar geleden toen we voor een filmpje op zoek waren naar een ouder van uithuisgeplaatste kinderen.
    Truusje bleek een stevige no-nonsense-dame te zijn die heel goed wist wat ze wilde en wat niet. Een vrouw met humor. Een vrouw met een missie. Een vrouw waarvoor ik, naarmate ik haar beter leerde kennen, steeds meer respect kreeg. Een oervrouw, een overlever van verschrikkelijke dingen. En een vrouw die niet bang is voor een podium. Steeds vaker dacht ik: meer mensen moeten deze vrouw leren kennen. Haar verhaal moet gedeeld worden. Het begon te borrelen in mij. Zou ik de boeken die ze heeft geschreven om kunnen zetten in theater? Zou ze haar eigen verhaal willen spelen?

    Een half jaar geleden begonnen we. Truusje kreeg haar allereerste theaterlessen en samen met haar werkte ik aan het eerste deel van een voorstelling. Ik schreef de tekst, Truusje dacht mee over de inhoud en volgorde en al spelend ontstond  TRUUSJE: ONE WOMAN!
    Iets bijzonders, iets dat over een week voor het eerst voor publiek op een podium wordt gepresenteerd. Truusjes zus, Dineke gaat met haar mee en doet de techniek. De gezinshuisouder van het gezinshuis waar haar kinderen wonen zit in de zaal. Martine Noordegraaf van het Lectoraat Jeugd en Gezin, zal met Truusje de voorstelling nabespreken. De toeschouwers zullen Truusje vertellen wat het optreden bij hen oproept. Ik hoop op een ontmoeting, op ontschotting en op een basis voor verstevigde samenwerking tussen mensen die in de jeugdzorg werken en zorg nodig hebben.
    Deze uitvoering is helaas besloten, maar erna zal ik nog een blog schrijven. Voor nu ben ik vooral blij en dankbaar voor de mooie samenwerking die we hebben en zo trots op deze fantastische vrouw! Er is maar 1 Truusje! Je moet haar echt leren kennen.
    Wordt vervolgd.

     

  • Theaterlezing

    Theaterlezing

    ‘Ik had de hele tijd een brok in mijn keel toen ik naar de show keek’  zei Anda, moeder van 4 (uit huis geplaatste) kinderen.

    Foto: Jeugdformaat

    Voor het Lectoraat Jeugd en Gezin ontwikkelde ik op basis van het onderzoek ‘Jouw gezin, mijn zorg’ een theaterlezing
    Samenwerking tussen ouders van  uit huis geplaatste kinderen en pleegouders of gezinshuisouders stond centraal. In opdracht van de organisatie Jeugdformaat, die samenwerking met ouders als speerpunt heeft, waren we te gast in de prachtige Rijswijkse Schouwburg.

    Na de lezing leidde ik het panelgesprek waar een manager, pleegzorgwerker, ouder en gezinshuisouder van Jeugdformaat in participeerden samen met een beleidsmedewerker van de gemeente en Ellen Schep, onderzoeker van het Lectoraat Jeugd en Gezin van de CHE.
    In de zaal zaten professionals van Jeugdformaat, maar ook enkele Jeugdbeschermers, Simba, pleegouders en gezinshuisouders.
    Tijdens het interactieve deel er heel snel een gesprek tussen de zaal en het panel ontstond. Mensen wilden echt samen nadenken over hoe we tot betere samenwerking zouden kunnen komen. Eigenlijk maakte het niet zoveel uit of je nou op het podium zat, of in de zaal. En daar werd ik zo blij van.

    ’Als je niet meer met elkaar kunt praten is de verbinding verbroken, het eerste wat je moet doen is die verbinding weer tot stand brengen, en dat kan niet anders dan door kwetsbaar te zijn, door toe te geven dat je iets verkeerd hebt gedaan of dat je iets niet weet. Dit moet ik doen, als gezinshuisouder, maar ik vind dat iedere professional die plaatsingen begeleid, dat ook moet doen.’  zei Pia, gezinshuisouder.

    (meer…)