Tag: Levenskunst

  • Vogels op de begraafplaats

    Vogels op de begraafplaats

    Vandaag, 13 September 2026 zou mijn vader 92 zijn geworden. Hij overleed op 7 Oktober 2022. Ik had nog net, samen met onze Regenboogprins en mijn lief zijn 88e verjaardag gevierd in de zorginstelling waar hij sinds enkele weken verbleef. Mijn vader begreep niet meer goed waar hij was. Toen we even naar buiten gingen, hij zat in een rolstoel, keek hij in de tuin met verwondering naar het gebouw, “Wat een mooi gebouw, is dat het gemeentehuis?” zei hij. Het stak me dat hij niet meer in zijn eigen vertrouwde huis kon wonen, hoe aardig alle verzorgenden ook waren. Zijn hart was niet sterk meer. Hij leed aan nawerkingen van bestralingen voor blaaskanker. Hij had dementie. Ik heb vaak gedacht: “gelukkig hoefde hij daar niet lang te wonen”.  Twee dagen voor zijn overlijden was ik bij hem in het ziekenhuis met mijn zusje en moeder. Hij was, zoals altijd, blij om ons te zien. Hij keek naar buiten en zag iets wat wij niet konden zien.  “Zien jullie die vogels? Prachtige vogels zitten daar!” zei hij. Ik wist toen nog niet dat hij twee dagen later zou zijn weggevlogen met de vogels die hij had gezien.

    De doden zijn de vogels die vliegen tussen het paradijs en de aarde.

    Dit, ik denk Arabische, spreekwoord hoorde ik tijdens een voorstelling afgelopen jaar. Het past mooi bij het beeld dat ik had van mijn vader, die vleugels kreeg en wegvloog. Later zag ik hem lopen, in voor mij onherkenbare landschappen, met een korte broek en zijn dikke kuiten in stevige schoenen, een deuntje neuriënd.

    Nu wandel ik over de begraafplaats naar zijn graf. Ik ben al een tijdje niet meer geweest. Mijn vader ligt op een natuurbegraafplaats in het bos, op een plekje dat ik iedere keer moet zoeken, omdat met ieder seizoen het bos verandert. Gelukkig is er die hele specifieke boom, vlak achter zijn plek. De vogels fluiten. De heide, deels nog in bloei, draagt vele spinnenwebben. De zon schijnt. Dante, mijn hond, snuffelt aan de houten gedenkschijf en gaat dan op het graf liggen. Dat voelt goed. Mijn lieve oude hond, zo dicht bij de resten van mijn vader.

    Ben je hier nog?

    Ik vraag het hem. “Soms” zegt hij. “Als ik even uit wil rusten. Het is een fijne plek hier.” Verder zegt hij niets. En ik ook niet. Ik voel de ochtendzon op mijn huid, en de frisheid van de septembermorgen.
    Ik bedenk me dat mijn vader sowieso niet zo van het goede gesprek was. Hij hield van gezelligheid en verhalen vertellen over alles wat hij had meegemaakt. Maar diepe gesprekken had ik niet met hem, niet als kind, niet als tiener en niet als volwassene. Het was niet ‘het gesprek’ wat me met hem verbond. Het was iets anders. Mijn vader was niet een intellectuele man, maar wel een man vol liefde, en hij hield ervan zichzelf te ontwikkelen.  Hij bleef de opleidingen doen die nodig waren om verder te komen, tot ver in zijn  laatste jaren. Hij hield van zingen, en zat een tijd bij een mannenkoor waar hij heel erg van genoot. Het is meer het zintuiglijke wat mij zo aan hem verbond. De klank van zijn stem als hij zong.  Maar ook zijn ogen die konden schitteren van plezier en vuurspuwen van woede. Ik herinner me zijn armen om me heen als hij voorlas uit de sprookjes van Grimm, het grote boek met de mooie tekeningen, en het verhaal van prins Lijsterbaard dat ik altijd zo mooi vond.  Ik herinner me dat hij me ophaalde van het station als het regende, dat we een visje gingen kopen op zaterdag, dat hij me regelmatig wat geld toestopte tijdens mijn studie-tijd. Ik hoor nog altijd zijn stem in mijn hoofd die zegt dat hij trots op me is om wie ik ben en wat ik doe. Van de laatste jaren herinner ik me hoe hij samen met de Regenboogprins cijferpuzzels maakte, ook al wist hij niet meer precies hoe het ging. En ik herinner me die armen die altijd sterk bleven en zich even om me heen sloten als ik binnenkwam of wegging. Het is de onvoorwaardelijke liefde die ik altijd heb gevoeld. Het is nog steeds de grond waarop ik sta, dat ik me zo liefgehad wist door mijn vader.

    Ik verlaat het graf, loop met de hond verder door het bos en stel me mijn vader voor in het leven hierna. Dat hij bijvoorbeeld mijn collega Danielle, die afgelopen jaar overleed aan borstkanker, tegenkomt en met haar in gesprek raakt. Dat zij enthousiast vertelt over de dingen die zij en ik samen deden en dat hij haar bewonderend aankijkt om alles wat ze heeft gerealiseerd. Dat zij over haar kinderen en haar man vertelt en over hoe belangrijk de liefde was in hun leven. En dat hij zegt: “Wat mooi dat je zo’n leven hebt geleid, en wat naar dat het al zo vroeg moest eindigen, maar wat fijn dat je iets belangrijks hebt gedaan voor mensen in de marge van de samenleving, dat je hen opbouwde en beschermde. Je man en je kinderen zullen de liefde die jij met hen deelde  altijd met zich mee blijven dragen.”
    Daarna neemt hij  hartelijk afscheid en loopt door naar mijn tante Truus om met haar te gaan salsa-dansen; en daarna gezamenlijk een krentenbol eten, met roomboter en kaas, en een kopje melk of karnemelk erbij, net zoals ze tijdens het leven deden. Tenslotte zoekt hij mijn ome Jan op, en zijn broers Klaas en Harm om samen over hun jeugd en latere echtgenoten te spreken. En daarna haalt hij zijn ouders op en gaan ze varen, over hemelse zeeën… of ze vliegen weer weg als vogels, richting het paradijs. En ik weet me verbonden met mijn vader, dwars door de grenzen van leven en dood heen. Fijne verjaardag papa. Ik ben trots jouw dochter te zijn.

     

     

  • Retour Pretoria

    Retour Pretoria

    Over het boek

    Een paar maanden geleden zag ik plotseling dat de hoofdredacteur van DE PUP, waarvoor ik af en toe schrijf, een boek had geschreven en dat publiceerde. Toen we elkaar spraken over het boek was ik gelijk enthousiast. Marusja Aangeenbrug beschrijft in Retour Pretoria een stuk van de geschiedenis van de apartheid in Zuid Afrika aan de hand van de emigratie die vlak na WOII plaatsvond in Nederland.  Heel specifiek volgen we het leven van een echtpaar, Adri en Henk, die in de jaren 50 naar Pretoria verhuizen. Juist de combinatie van het persoonlijke verhaal van deze twee mensen en de beschrijving van de geschiedenis maakt dat het boek heel dichtbij kwam voor mij.
    Misschien komt dat omdat ik zelf een oom en tante had die vlak na de oorlog geëmigreerd zijn, ik hen ooit in Pretoria heb ontmoet, en ook een paar nichten en neven ken die daar zijn opgegroeid. En ik heb in mijn twintigerstijd een aantal jongerenteams ontmoet die namens en voor Zuid-Afrika’s Rainbownation rondtoerden door Nederland met theater en muziek. Later heb ik zowel de jongeren uit deze teams als mijn familie in Pretoria opgezocht.
    Door die ervaringen zag ik tijdens het lezen weer de huizen in Pretoria, de Vrye Gereformeerde kerk, township Temba, Sowetho, de thuislanden en ook de dorpjes waar de gekleurde gemeenschappen woonden, weer voor me.  Ik rook de geur van vuurtjes, ik zag weer de rode aarde, het rotsachtige thuisland. Ik reed weer in het Taxi-busje, ik genoot weer van de Braai die iedereen voor ons maakte.
    Toen ik zelf in Zuid-Afrika was (2001), was de apartheid al opgeheven, toch was het er nog. Alle groepen waren gastvrij, maar niemand wist het goed van elkaar. Iedereen woonde nog op zijn eigen plek en sprak gereserveerd over groepen mensen met een andere kleur. Door het boek van Marusja snapte ik beter waardoor dat kwam. Met name het proces naar de afschaffing van het systeem vond ik heel interessant. Een langdurig proces vol pijn, onrecht, haat maar ook langzaam maar zeker een verandering in het denken van vele Afrikaners. Dat proces krijg je mee via het persoonlijke verhaal van Henk en Adri.  Voor hen was in het begin het begrip ‘Apartheid’ normaal.
    (meer…)

  • Geslaagd en BillieBillieBOB (de Regenboogprins en zijn vriend, en de wonderbare Wouter)

    Geslaagd en BillieBillieBOB (de Regenboogprins en zijn vriend, en de wonderbare Wouter)

    In juni belde, na een spannende week, de mentor van de Regenboogprins dat hij geslaagd was voor zijn VMBO! YES!!!!!! Het is hem gelukt!!!! Alle ouders en pleegouders en begeleiders en vrienden waren supertrots op hem! En hij was ook trots, alhoewel hij ‘wel al had verwacht dat hij zou slagen’. Op 4 juli 2024 ontving hij zijn diploma! Voor ons was het een 2e mijlpaal! Eerst de basisschool overleefd en volbracht, nu de middelbare school. Na de vakantie begint de volgende mijlpaal. Het MBO. Opnieuw zal het een challenge zijn voor ons allen, en opnieuw laten wij de Regenboogprins weten; probeer het maar, lukt het niet, dan zoeken we wel wat anders! Geeft niets.

    Maar voor we aan het nieuwe avontuur konden beginnen moest er eerst gefeest worden!
    We vonden een prachtig plekje bij ‘Food for Good’ in Utrecht. Een prachtige tuin vol bloemen, kruiden, fruit en groenten. De Regenboogprins houdt van tuinen en bloemen, vogels en insecten (als ze niet te dicht bij hem in de buurt komen).
    Zondag 7 juli om 15.30 kwam een bont gezelschap van vrienden en familie bij de locatie  aan en aten we heerlijke taart, door Beppe gemaakt.
    Van de moeder van de Regenboogprins kregen wij een bijzondere kaart, die ik niet snel zal vergeten, maar haar woorden beschreven eigenlijk precies wat er kan gebeuren als mensen, ondanks moeilijkheden, verschillen weten te overbruggen. Als ze met elkaar blijven zoeken naar liefde, aandacht en begrip voor al die dingen die mis kunnen gaan in het leven. ‘Familie is niet altijd de verbondenheid met DNA, maar in hoeverre men er voor de ander is als familie. Een familie moet als een thuis voelen en die hebben jullie hem gegeven’ schreef de moeder van de Regenboogprins en daarmee zei ze eigenlijk alles wat ik ervoer. Dit was een kleine oase van inclusiviteit. Verschillen mochten er hier zijn. (meer…)

  • Een einde komt eraan en een nieuw begin.

    Een einde komt eraan en een nieuw begin.

    In tranen zit hij naast me. Hij praat over al die jaren dat hij op deze school zat. Bijna zijn hele leven. In het begin van het jaar ging het nog over de ‘kussenruimte’ waar hij bijna iedere dag wel een keer zat tijdens zijn basisschooljaren. En over hoe’n hekel hij aan die ruimte had. Nu gaat het over de leraren en leraressen. Over de meesters en juffen die hij na dit jaar nooit meer zal zien, en over de leraren en leraressen van het voortgezet onderwijs. En over meester Chris, bij wie hij zo vaak even heeft gezeten als alles hem teveel werd. Hij huilt omdat hij na dit jaar geen lol meer met ze kan maken. Van zijn 5e tot zijn 16e zit hij al op deze school. Speciaal onderwijs. En speciaal is het voor hem. Zelf kan ik me niet heugen dat ik zo’n verdriet had als ik van de ene school naar de andere ging. Wel herinner ik me nog veel van zowel de meesters en juffen van de kleuterschool, basisschool als het voortgezet onderwijs (en bijna alle opleidingen erna ook). Blijkbaar gaat die band tussen leraar en leerling dieper dan ik in eerste instantie dacht. Maar bij de Regenboogprins speelt er meer. Als eerste dat afscheid nemen voor hem zwaar weegt op het moment dat het gaat gebeuren. Maar ook, zo vertelt hij mij, dat hij altijd heel erg zijn best heeft gedaan en dat dat zwaar was, en dat hij daar nu helemaal opnieuw mee moet beginnen. Want op een nieuwe school kent hij niemand en kent niemand hem. De docenten niet en de studenten niet.Hij ziet er tegenop. (meer…)

  • Rood is ja (boek van Sara Kroos)

    Ik kende haar eigenlijk alleen van de Lama’s. Zelf zegt ze over die tijd dat mensen haar de slechtste lama vonden. En verder ben ik niet heel erg van het cabaret dus ik leerde ook niet meer van haar kennen, tot nu toe dan.

    Het boek ‘Rood is ja!’ kwam telkens naar voren in mijn mogelijk te lezen en te luisteren boekenlijstje voor Storytel. En de reacties op het boek maakten dat ik besloot om het te gaan luisteren. ‘Rood is ja’ is een indrukwekkend boek. Pijnlijk en rauw en goed geschreven. Sara beschrijft hoe het seksueel misbruik in haar jeugd, zich voortzette in de kliniek waar ze was opgenomen, onder het mom van een ‘relatie met de therapeute die haar behandelde’ en hoe ze uiteindelijk zieker de kliniek verliet dan ze er in ging.
    Ook beschrijft ze hoe haar vrouw en haar vrienden haar onvoorwaardelijk steunen en steunden en hoe zij hoe dan ook in het leven wil staan. Als echtgenote, als moeder, als mens.
    Deze beide thema’s raakten me. Het gedraai van de kliniek en de macht die de instelling tot in de rechtbank leek te hebben maakte me verdrietig. Ik weet dat waar verschillende belangen zijn, macht al gauw een rol gaat spelen. (meer…)

  • Zielsveel!

    Zielsveel!

    Vandaag ben ik onderweg met een dierbare vrouw.  We dolen door de stad, langs grachten en panden.  Zij, naast mij, haar huid gebruind van ver over zee. De herfstzon kleurt haar blonde haar. In ons gesprek reizen we met gemak van hier naar daar. Passeren kinderen ons, zo klein ze zijn, zo groot ook al, zo gevormd soms al.  Ook vrienden en zussen passeren, net zoals de ouderen. Onze opa’s en oma’s, moeders en vaders. Mijn vader, haar oma. Beiden dwalen ze door tijden en plaatsen van ooit. De tijd en mensen door elkaar halend. Vriendelijk, maar soms ook boos. Mensen aan het einde van hun leven. Mensen van wie we houden en van wie we de komende jaren afscheid zullen moeten nemen. (meer…)

  • Schaamte en tevoorschijn komen.

    Schaamte en tevoorschijn komen.

    ‘Niets liever wil ik dan mensen laten SHINEN! En zelf SHINE ik natuurlijk ook graag.’

    Ik sprak met twee vrouwen, een van 30 en eentje van 40. Beiden zijn opgegroeid in een pleeggezin. Het was een diep gesprek.  Zo’n gesprek dat je normaal gesproken alleen ’s avonds heel laat bij een kampvuurtje hebt, of tijdens een lange wandeling. Ik was de interviewer. Zij vertelden over hun leven.
    Tijdens het gesprek werd ik bevestigd in iets wat ik ook vaak zie  bij onze eigen Regenboogprins:  Op het moment dat je in een pleeggezin komt wonen, weet je niet goed meer bij wie je hoort. Je weet niet goed meer of je nou bij je ouders hoort, omdat je daar niet woont. Je weet ook niet goed of je bij de nieuwe mensen hoort waar je  bent gaan wonen. Je moet je opnieuw gaan hechten, terwijl je niet goed weet waarom je niet meer bij je ouders woont en welk deel jij daarin hebt gehad. Misschien was het wel jouw schuld dat je weg moest? Je weet ook niet of de nieuwe mensen wel te vertrouwen zijn, of ze wel echt willen dat jij er bent.  (meer…)

  • ‘De zaligheid van er zijn’ of ‘puzzelen met opa’

    ‘De zaligheid van er zijn’ of ‘puzzelen met opa’

    Ik zie ze zitten. Mijn vader in zijn grote stoel naast het raam. Mijn pleegzoon, heel rustig, vlak naast hem op een krukje. Beiden hebben hun volle aandacht bij de puzzel die ze aan het maken zijn. Terwijl ik naar hen kijk besef ik dat er hier iets anders gebeurt dan puzzelen. Hier ontvangt mijn pleegzoon de warmte van mijn vader en mijn vader de volledige aandacht van mijn pleegzoon. Alsof mijn moeder mijn gedachten kan lezen vertelt ze op dat moment dat een pastoraal werker die ze deze week ontmoette vroeg  wie die jongen op de ingelijste foto  was. ‘Dat is mijn kleinzoon!’ had ze gezegd. (meer…)

  • Theater, theater, theater.

    Theater, theater, theater.

    Toen ik 15 jaar op het HBO had lesgegeven wist ik, ik wil weer meer zelf maken. Ik had studenten leren spelen, leren maken en zowel me geirriteerd als genoten van de dingen die ze maakten. Soms zag ik kunstenaars voor mijn ogen wakker worden, wetend dat ze iets met theater of kunst wilden. Soms zag ik mensen met moeite de zo begeerde punten binnen slepen. Maar steeds vaker zag ik mezelf in een droom weer op de spelvloer staan, of nee, ernaast, maar dan weer als theatermaker. En op het podium, als speler, als nar, als persoon die verhalen tot leven brengt en mensen met elkaar in gesprek brengt.
    Ik houd van het podium. En ik houd er net zoveel van om mensen op dat podium te zetten met iets wat ik, samen met hen heb gemaakt. Dus…. ik werk niet meer als docent, maar ben maker, trainer en regisseur.
    Verbonden aan het Sociale Domein zoals met de theaterlezing ‘samenwerken met ouders’ die ik heb gemaakt voor het Lectoraat Jeugd en Gezin van de Christelijke Hogeschool Ede.

    Of via het creatieve project Engage the Village, waarbij ik zo veel mogelijk mensen uit de pleegzorgwereld een podium biedt via allerlei kunstinterventies. Samen met Vitree Jeugdzorg en met de mensen waar het om gaat onderzoeken we op een creatieve manier waar nou eigenlijk de veerkracht en hoop in deze community zit. De moeilijkheden kennen we wel. De veerkracht en hoop mag meer gezien worden!

    Of bij theaterwerkplaats Orde der Dwazen, waar ik sinds mei lesgeef en regisseer. Wat een heerlijke spelers. Goede spelers. Toegewijd aan het vak. Passie voor theater. Een feestje om met deze groep te werken.  en ze spelen weer. In november kun je gaan kijken naar hun voorstelling Eensaam die in verschillende theaters vertoond wordt.

    https://www.ordederdwazen.nl/

    Of gewoon op maat, als er een vraag binnenkomt. Zoals de vraag die mijn theatermaatje Tabitha van Dongen en ik kregen om het theater tijdens het oogstfeest voor een leernetwerk rondom de sociale basis in Ede te verzorgen. We hebben in korte tijd heel veel geleerd over de sociale basis en over hoe irritant zussen kunnen zijn voor elkaar.

    En ik voel me zo levend. Het was de beste stap die ik heb gemaakt de afgelopen jaren. Geen makkelijke stap, maar wel eentje waardoor ik blij ben. Alsof mijn hart een sprongetje maakt.
    Omdat ik het leven wil tonen. Het goede leven, met al zijn mitsen en butsen. Maar zeker goed! Theater waar de ontroering, de waardering, de pijn en de humor hand in hand gaan. In ben in mijn element. Mijn toekomst is vandaag.

     

  • Ontmoetingen met God? (Volgens Toon Tellegen]

    Ontmoetingen met God? (Volgens Toon Tellegen]

    God wist alles, maar niet of hij wel bestond.

    Toon Tellegen schrijft af en toe boekjes over God. Boekjes met verhalen. Ik kan ze nooit laten liggen in de winkel. Koop ze als geschenk voor mijn lief en lees ze vervolgens zelf. Op de achterkant van het boekje ‘God onder de mensen’ staat dat de schrijver op weergaloze wijze speelt met onze ideeën, gevoelens en verlangens over het bestaan van God in de wereld: diepzinnig en ongelooflijk geestig. Ik denk dat ik dat ook zo ervaarde. Soms las ik vertederd, dan vol bewondering, dan weer vond ik God wreed. Zoals Toon Tellegen dat als geen ander kan, werd ik meegesleept in de wereld van het mysterie, daar waar je de waarheid proeft zonder hem te kunnen vertellen. Niet zo zeer God’s waarheid,  maar wel die van mensen. (meer…)

  • De groef (naar aanleiding van het boekje van Maartje Wortel)

    De groef (naar aanleiding van het boekje van Maartje Wortel)

    Vandaag las ik ‘De groef’ van Maartje Wortel. Het was een heerlijk bevrijdend boekje. Zonder teveel over de inhoud te vertellen, want die kun je beter zelf lezen, bracht het boekje me zo’n 23 jaar terug in de tijd.
    Het was de tijd dat ik alleen was, of soms samen en dan weer alleen. De tijd dat ik in mijn lege agenda staarde en me afvroeg met wie ik nu weer eens af moest spreken. Waar ik danste tot diep in de nacht en daar dan iemand ontmoette, wat soms eindigde in een catastrofale liefde en soms in een maandenlang spel. De tijd dat ik nadacht over het leven en me afvroeg of ik in mijn eentje ooit echt gelukkig kon zijn. Waar ik op kerstavond door de wijk ging lopen en stiekem bij de mensen naar binnen gluurde om te zien hoe gezellig ze het hadden en dan zag dat de meeste mensen gewoon voor de televisie zaten. (meer…)

  • Achter mijn voordeur

    Achter mijn voordeur


    Ruim een jaar geleden hoorde ik voor het eerst haar naam. ‘Truusje’ heette ze. Ze deed mee aan een korte video voor een site die ik samen met een team samenstelde voor het lectoraat Jeugd en Gezin van de Christelijke Hogeschool Ede (www.gedeeldopvoederschap.nl).
    Truusje van Zanten viel voor de verkeerde man en werd samen met haar twee jonge kinderen slachtoffer van huiselijk geweld. Zowel zijzelf als haar kinderen waren daardoor ernstig getraumatiseerd en om de moeder te kunnen blijven van haar kinderen, stond ze toe dat haar kinderen opgroeiden in een pleeggezin en een gezinshuis.
    Ik schrijf het op in enkele zinnen, maar wat een ellende, pijn en daarnaast ook nog mega-ingewikkelde situaties kan een mens in terechtkomen. Het bijzondere aan deze vrouw is dat ze haar verhaal wilde vertellen. Ze wilde dat meer mensen zouden horen welke nood er achter een voordeur kan zijn.

    Truusje heeft inmiddels twee boeken geschreven.

    Achter mijn voordeur gaat over hoe haar relatie met haar toenmalige partner begon en zich ontwikkelde tot een situatie waarin niets meer gespaard werd; het huis, Truusje, en zelfs haar toen nog hele jonge kinderen.  Het gaat ook over het moment dat ze een punt achter de relatie zette en de weg die ze daarna ging. Een weg vol rechtszaken en een steeds groter besef van de trauma’s die zij en haar kinderen hebben opgedaan. Truusje neemt de lezer mee alsof je erbij bent. Het is alsof je naast haar staat en mee gaat om de sloten in haar huis te controleren. Je bent boos met haar, maar kunt ook hulp aanvaarden. Steeds meer bewondering kreeg ik voor de moed, assertiviteit en levenslust van deze vrouw.

    Dit jaar is het boek  Achter mijn voordeur – het vervolg  uitgekomen. Hierin beschrijft Truusje hoe zeer de trauma’s van toen doorwerken in het nu. Door het oerwoud van instanties, voogden, pleegouders, gezinshuisouders en andere jeugzorgbetrokkenen baant ze zich een weg om te zorgen dat haar kinderen veilig en goed op kunnen groeien.
    Vaak voelt ze zich  gesteund. Soms voelt ze zich tegengewerkt en moet ze kei en keihard opkomen voor zichzelf en haar kinderen.
    Tussendoor beschrijft ze hoe ze ook langzaam maar zeker ontdekt welk werk ze  graag wil doen en een opleiding gaat volgen. Ze schrijft hoe haar nieuwe partner Joris met haar meeleeft, hoe haar ouders overlijden, en hoe haar zus haar altijd bijstaat.
    Juist die stukjes vond ik zo gaaf om te lezen. Ze maken dat ik niet alleen maar het verhaal van een moeder, deze moeder lees, maar het verhaal van een mens. De mens Truusje, die bereid is om haar verhaal met publiek te delen. Een vrouw die een veerkracht toont waar iedereen iets van kan leren. Alleen daarom al raad ik je aan dit boek te lezen. En verder is het wat mij betreft een must voor iedere sociale professional die met ouders van uithuisgeplaatste kinderen werkt.

    Waar kun je de boeken kopen? Klik hier